ECLI:NL:RBZLY:2009:BK7923
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Kort geding
- J.W.F. Houthoff
- Rechtspraak.nl
Afwijzing contactverbod in mentorschapszaak wegens onvoldoende bewijs ernstig nadeel
Eisers, in hun hoedanigheid van mentoren van hun zoon met een verstandelijke beperking, vorderden een contactverbod tegen gedaagde vanwege een ongezonde en onwenselijke relatie. De zoon, die zelfstandig woont en werkt, heeft een IQ van 71 en functioneert op het niveau van een basisschoolkind. Eisers baseren hun vordering op artikel 1:453 BW Pro, stellende dat de relatie schadelijk is en vergelijkbaar met situaties van loverboys.
De voorzieningenrechter overweegt dat het contactverbod een ingrijpende maatregel is die alleen kan worden opgelegd indien kennelijk noodzakelijk om ernstig nadeel te voorkomen. De zoon heeft zich als informant tegen het verbod verzet en zijn bezwaar gemotiveerd toegelicht. Het aangevoerde bewijs, waaronder een rapport van een stichting en een verklaring van een hulpverlener, is onvoldoende om het ernstige nadeel aannemelijk te maken.
De rechtbank benadrukt dat een kort geding niet geschikt is voor nader onderzoek dat nodig is om de vordering te onderbouwen. Ondanks de begrijpelijke zorgen van eisers wordt de vordering afgewezen en worden zij veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst het contactverbod af wegens onvoldoende bewijs van ernstig nadeel en het bezwaar van de betrokkene.