ECLI:NL:RBZLY:2008:BH3363
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid voorzieningenrechter en bestuurdersgeschil Palladium Fitness Centrum BV
In deze zaak staat een geschil tussen twee voormalige echtgenoten die samen bestuurder zijn van Palladium Fitness Centrum BV centraal. Na hun scheiding en de overdracht van aandelen in 2004 ontstond onenigheid over financiële afspraken en bestuurstaken. Eiseres vordert onder meer dat gedaagde wordt verboden gelden te onttrekken, financiële schulden aflost en wordt geschorst als bestuurder.
De voorzieningenrechter stelt vast dat eiseres onvoldoende spoedeisend belang heeft aangetoond voor de financiële vorderingen, mede omdat er geen bewijs is van liquiditeitsproblemen en omdat partijen elkaar wederzijds beschuldigen zonder nadere bewijsvoering. Wel is erkend dat de BV feitelijk stuurloos is, maar de rechter acht zich bevoegd de schorsing van gedaagde te beoordelen en vindt deze zware maatregel niet gerechtvaardigd.
De vorderingen worden afgewezen en eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten. De uitspraak benadrukt de terughoudendheid van de voorzieningenrechter bij het ingrijpen in bestuurdersgeschillen en de noodzaak van voldoende onderbouwing van spoedeisend belang.
Uitkomst: De vorderingen tot financiële maatregelen en schorsing van bestuurder worden afgewezen wegens onvoldoende spoedeisend belang en ongeschiktheid van de maatregel.