ECLI:NL:RBZLY:2008:BD3177
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Opheffing conservatoir beslag wegens ontbreken rechtens te respecteren belang
De Ontvanger van de Belastingdienst vordert primair opheffing van conservatoir beslag dat Van Vilsteren op een onroerende zaak heeft gelegd, en subsidiair veroordeling tot doorhaling van dat beslag wegens onrechtmatige daad. De Ontvanger heeft nagelaten de schuldenaar in de procedure te betrekken, waardoor de primaire vordering wordt afgewezen.
De onroerende zaak is verkocht voor een bedrag boven de vrije verkoopwaarde, waarbij de opbrengst onvoldoende is om de vordering van Van Vilsteren te voldoen. Hierdoor heeft Van Vilsteren geen rechtens te respecteren belang meer bij het beslag. De rechtbank oordeelt dat het beslag daarom onrechtmatig is en veroordeelt Van Vilsteren tot doorhaling van het beslag binnen twee dagen, met een dwangsom bij niet-naleving.
Van Vilsteren wordt veroordeeld in de proceskosten van de Ontvanger, terwijl de vordering van de Ontvanger tot vergoeding van proceskosten wordt afgewezen. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: De subsidiaire vordering tot doorhaling van het beslag wordt toegewezen, de primaire vordering wordt afgewezen.