ECLI:NL:RBZLY:2008:BC9497
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing vordering tot machtiging directe pensioenuitkering na echtscheiding
Partijen zijn in 1963 gehuwd en in 1983 gescheiden. Bij de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap in 1986 is overeengekomen dat de vrouw recht heeft op de helft van het toen opgebouwde pensioen van de man, inclusief indexering.
De vrouw vordert dat de man medewerking verleent aan een machtiging aan het ABP, zodat haar pensioenrecht rechtstreeks aan haar wordt uitgekeerd. De man heeft tot 2007 moeizaam en niet volledig geïndexeerd betaald en weigert medewerking aan de machtiging vanwege fiscale en emotionele bezwaren.
De rechtbank oordeelt dat de man op grond van redelijkheid en billijkheid verplicht is medewerking te verlenen, omdat de vrouw een rechtens relevant belang heeft bij directe uitbetaling. De vordering tot betaling van achterstallige bedragen wordt afgewezen omdat deze reeds is voldaan. Proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: De man is veroordeeld tot medewerking aan een machtiging aan het ABP voor directe pensioenuitkering aan de vrouw.