ECLI:NL:RBZLY:2007:BC5595
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Kort geding
- A.H. Canté
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering loon na ontslag op staande voet wegens sponsorcontracten zonder toestemming
De werknemer trad in dienst als manager sales & marketing bij VHD en werd op 8 november 2007 op staande voet ontslagen. Het ontslag volgde nadat hij zonder overleg en toestemming sponsorcontracten voor aanzienlijke bedragen was aangegaan en vervalste handtekeningen van relaties van VHD had gebruikt.
De werknemer erkende zijn handelen, maar betwistte dat dit voldoende grond voor ontslag op staande voet was, mede gelet op zijn overspannenheid die door een huisarts was vastgesteld. Hij stelde dat zijn leidinggevende aanvankelijk begripvol reageerde en het ontslag niet onverwijld was gegeven.
VHD stelde dat de werknemer herhaaldelijk waarschuwingen had genegeerd, gelogen had over zijn activiteiten en dat het ontslag zorgvuldig en tijdig was meegedeeld na een onderzoek. De kantonrechter oordeelde dat de gedragingen van de werknemer een dringende reden vormden en dat het ontslag op staande voet niet onrechtmatig was. De vordering tot loonbetaling werd afgewezen omdat onvoldoende aannemelijk was dat het ontslag in een bodemprocedure zou worden vernietigd.
Uitkomst: De loonvordering van de werknemer na ontslag op staande voet wordt afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid van vernietiging van het ontslag.