ECLI:NL:RBZLY:2006:AZ6516
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Kort geding
- Th.A. Ariëns
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot uitvoerbaarverklaring bij voorraad van bodemvonnis
In deze zaak vordert eiseres, een besloten vennootschap, dat het eindvonnis in een bodemprocedure alsnog uitvoerbaar bij voorraad wordt verklaard. Dit eindvonnis was eerder niet uitvoerbaar bij voorraad verklaard omdat die vordering niet was ingesteld. De gedaagde partij voert verweer en wijst op de financiële situatie van eiseres en het risico dat zij niet tot terugbetaling kan overgaan indien het vonnis nu al wordt uitgevoerd.
De rechtbank bespreekt de wettelijke criteria voor het toewijzen van een vordering tot uitvoerbaarverklaring bij voorraad, waaronder het belang van partijen en de aard van de zaak. Hoewel het recht van eiseres op het toegewezen bedrag aannemelijk is, is ook het belang van gedaagde bij het behoud van de huidige situatie relevant.
Gezien de financiële situatie van eiseres, het ontbreken van ondernemingsactiviteiten sinds beslaglegging en het onvoldoende aannemelijk maken van het risico op restitutie, weegt het belang van gedaagde zwaarder. Daarom wordt de vordering afgewezen en wordt eiseres veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot uitvoerbaarverklaring bij voorraad van het bodemvonnis wordt afgewezen.