ECLI:NL:RBZLY:2006:AY9274
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Loonvordering na arbeidsongeval en zelfmoordpoging werknemer afgewezen beroep op opzettelijk veroorzaakte ziekte
Werknemer trad op 7 december 2003 in dienst bij Zomer als medewerker voor- en afmontage. Op 25 januari 2006 zaagde hij tijdens werk zijn linkerhand af met een afkortzaag, waarna hij direct werd behandeld in het ziekenhuis. De Arbeidsinspectie stelde vast dat de zaagmachine voorzien was van een veiligheidsbeugel en dat het ongeval plaatsvond tijdens reguliere werkzaamheden.
Op 16 april 2006 deed de werknemer een zelfmoordpoging tijdens zijn revalidatieperiode, veroorzaakt door een psychotische depressie als gevolg van het arbeidsongeval. De werknemer bleef volledig arbeidsongeschikt en de werkgever betaalde het loon door tot medio juni 2006, waarna zij haar bedrijfsactiviteiten staakte.
De werknemer vorderde loonbetaling en afdracht aan het Tijdspaarfonds vanaf juni 2006. De werkgever voerde verweer dat de werknemer zijn arbeidsongeschiktheid opzettelijk had veroorzaakt en dat zij niet meer kon betalen vanwege financiële problemen. De kantonrechter verwierp het beroep op opzettelijk veroorzaakte ziekte en oordeelde dat de werkgever verplicht is het loon door te betalen, met toepassing van de wettelijke beperkingen en wettelijke verhogingen. De vordering werd toegewezen, met veroordeling van de werkgever in de proceskosten.
Uitkomst: Werkgever wordt veroordeeld tot doorbetaling van loon en afdracht aan het Tijdspaarfonds ondanks arbeidsongeval en zelfmoordpoging werknemer.