ECLI:NL:RBZLY:2006:AY5753
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering afgifte kind aan gezaghebbende ouder in kort geding
De vrouw, als enige gezaghebbende ouder, vordert in kort geding de afgifte van haar minderjarige kind dat sinds 2001 bij de biologische vader verblijft. De vader heeft het kind verzorgd en opgevoed, vooral tijdens de detentie van de moeder wegens een gevangenisstraf in het buitenland.
De moeder wil het contact met het kind opvoeren en het kind geleidelijk weer bij haar laten wonen. De vader stelt dat het kind gewend is aan de huidige situatie, de moeder een ongeschikte woonsituatie heeft en dat het belang van het kind zich verzet tegen een onmiddellijke verandering.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de zaak te complex is voor een kort geding en dat een bodemprocedure nodig is waarin de Raad voor de Kinderbescherming kan worden betrokken. De vordering wordt afgewezen en de kosten worden ieder voor eigen rekening gelaten.
Uitkomst: De vordering tot afgifte van het kind aan de moeder wordt afgewezen en partijen dragen ieder hun eigen kosten.