ECLI:NL:RBZLY:2006:AY5714
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Uitleg en handhaving non-concurrentiebeding bij emissieactiviteiten vastgoed
In deze zaak stond de uitleg en handhaving van een non-concurrentiebeding centraal, opgenomen in een aandelenovereenkomst van 18 januari 2005 tussen [eiseres sub 1] en Het Larijhuis. Het Larijhuis had haar aandelen in Waarborg Vastgoed aan [eiseres sub 1] verkocht, waarbij werd afgesproken dat Het Larijhuis en de bestuurder, [gedaagde sub 1], zich gedurende een bepaalde periode niet zouden bezighouden met emissieactiviteiten in Noord Oost Nederland.
Na de overdracht werd vastgesteld dat [gedaagde sub 1] als bestuurder van Oranjeveste Vastgoed acquisitie verrichtte in het werkgebied van Waarborg Vastgoed, wat volgens eiseressen een overtreding van het concurrentie- en geheimhoudingsbeding was. De voorzieningenrechter stelde vast dat het beding zich richt op het opzetten en vermarkten van beleggingsconstructies in onroerend goed, en dat emissieactiviteiten ook het acquireren van participanten omvatten.
Hoewel [gedaagde sub 1] geen partij was bij de overeenkomst, was Het Larijhuis wel gebonden en moest zij ervoor instaan dat geen concurrentie werd gepleegd. De brief van 8 september 2005, ondertekend door [gedaagde sub 1] en gericht aan een relatie in Noord Oost Nederland, vormde een overtreding van het beding. De vorderingen tegen [gedaagde sub 1] werden afgewezen wegens het ontbreken van partijstatus, maar Het Larijhuis werd veroordeeld tot het staken van de activiteiten en betaling van proceskosten.
De vorderingen tegen Oranjeveste Vastgoed werden afgewezen omdat onvoldoende bewijs was dat deze partij onrechtmatig had gehandeld of misbruik had gemaakt van wanprestatie. Ook de vordering tot overlegging van een deelnemerslijst werd afgewezen wegens het ontbreken van een rechtsbetrekking. De proceskosten werden verdeeld waarbij [eiseres sub 1] en Waarborg Vastgoed grotendeels in het ongelijk werden gesteld.
Uitkomst: Het Larijhuis is veroordeeld zich te onthouden van emissieactiviteiten in Noord Oost Nederland en in de proceskosten te vergoeden.