ECLI:NL:RBZLY:2006:AY0181
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging indicatiebesluit pleegzorg wegens onvoldoende motivering en betrokkenheid
De rechtbank Zwolle-Lelystad behandelde het beroep van eiser tegen een indicatiebesluit van Bureau Jeugdzorg Flevoland waarbij pleegzorg voor zoon [zoon] werd vastgesteld. Eiser stelde dat het besluit onrechtmatig was omdat het zonder rechterlijke machtiging werd uitgevoerd en onvoldoende gemotiveerd was volgens de Wet op de jeugdzorg en de Algemene wet bestuursrecht.
De rechtbank constateerde dat zoon [zoon] tijdelijk zonder rechterlijke machtiging bij grootouders verbleef, wat als vrijwillige plaatsing werd beschouwd. Eiser had destijds geen rechtsmiddel aangewend, waardoor vernietiging op die grond niet aan de orde was. Wel bleek dat eiser onvoldoende was geïnformeerd en betrokken bij het besluitvormingsproces, wat in strijd was met de nota van toelichting bij het Uitvoeringsbesluit Wet op de jeugdzorg.
Verder stelde de rechtbank vast dat verweerder geen onderzoek had gedaan naar gezinsproblemen of alternatieven voor pleegzorg en dat de motivering van de beschikking op bezwaar onvoldoende was. Dit leidde tot vernietiging van het besluit en de opdracht aan verweerder om een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Verweerder werd tevens veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het indicatiebesluit en de beschikking op bezwaar worden vernietigd en verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van de kosten.