ECLI:NL:RBZLY:2006:AV5226
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- L.E.C. van Rijckevorsel-Besier
- W. Miltenburg
- M. Wijnands-Veninga
- Rechtspraak.nl
Weigering bestuursrechtelijk besluit plaatsing in jeugdhulpverlening niet ontvankelijk
Eisers verzochten de provincie om binnen twee weken te beschikken over de plaatsing van hun minderjarige zoon, die een stoornis in het autistisch spectrum heeft, in 24-uurszorg bij Trias Jeugdhulp. De provincie weigerde te beschikken en verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat zij niet bevoegd was tot besluitvorming en de Awb-beslistermijn nog niet was verstreken.
De rechtbank oordeelt dat de weigering tot plaatsing geen besluit is in de zin van artikel 1:3 Awb Pro, omdat het een feitelijke handeling betreft en het recht op zorg al is ontstaan door een indicatiebesluit van Bureau Jeugdzorg. Tevens is de provincie niet bevoegd tot plaatsing; dit is een taak van Bureau Jeugdzorg.
Ook het verzoek om schadevergoeding wegens te late beslissing betreft geen zuiver bestuursrechtelijk schadebesluit, zodat bezwaar en beroep niet openstaan. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst erop dat eisers zich voor civielrechtelijke aansprakelijkheid tot de burgerlijke rechter moeten wenden.
De uitspraak bevestigt dat bestuursrechtelijke procedures niet openstaan tegen weigering van feitelijke uitvoering van jeugdhulp en benadrukt de scheiding tussen bestuursrechtelijke en civielrechtelijke rechtswegen in deze context.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar tegen de weigering tot plaatsing in jeugdhulpverlening is ongegrond verklaard.