ECLI:NL:RBZLY:2005:AU9097
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Kantonrechter wijst vordering incassobureau wegens onvoldoende werkzaamheden af
In deze zaak vorderen eiser 1 en eiser 2 betaling van een bedrag van € 3.371,05, vermeerderd met wettelijke rente, van Drie D Zwembaden B.V. (Drie D) wegens incassowerkzaamheden. Partijen hebben in maart 2003 een incasso-overeenkomst gesloten waarbij Drie D vorderingen ter incasso aan eiser 1 en eiser 2 uit handen gaf.
De incassowerkzaamheden bleven beperkt tot het verzenden van één sommatiebrief, waarop de debiteur reageerde dat de werkzaamheden niet waren afgerond. Drie D heeft de behandeling van de zaak op verzoek aan eiser 1 opgeschort en de directeur-grootaandeelhouder is failliet verklaard, waardoor geen instructies meer konden worden gegeven.
De kantonrechter oordeelt dat eiser 1 en eiser 2 niet hebben voldaan aan hun plicht om het dossier te onderzoeken en een zelfstandige beoordeling te maken van de vordering. Het gevorderde bedrag van € 2.786,91 voor één sommatiebrief is niet in overeenstemming met een redelijk loon en de tariefafspraak die uitgaat van volledige afronding van de zaak.
Daarom wijst de kantonrechter de vordering af en veroordeelt eiser 1 en eiser 2 in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering van het incassobureau wordt afgewezen wegens onvoldoende verrichte werkzaamheden en niet redelijk tarief.