ECLI:NL:RBZLY:2005:AU6324
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.H. Canté
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering kennelijk onredelijk ontslag en aanhouding bewijslevering blootstelling schadelijke stoffen
Eiser, werkzaam als drukker en productiemedewerker bij gedaagde, vordert schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag en aansprakelijkheid op grond van blootstelling aan schadelijke stoffen tijdens zijn dienstverband. Hij stelt gezondheidsklachten te hebben ontwikkeld door langdurige blootstelling aan oplosmiddelen.
De kantonrechter oordeelt dat de vordering wegens kennelijk onredelijk ontslag wordt afgewezen omdat het dienstverband niet uitzonderlijk lang was en eiser reeds vervangend werk heeft gevonden. De vordering op grond van artikel 7:658 BW Pro, die aansprakelijkheid van de werkgever betreft voor onvoldoende zorgplicht, wordt aangehouden om eiser in de gelegenheid te stellen bewijs te leveren van de mate van blootstelling en het causaal verband met zijn klachten.
De kantonrechter wijst het verjaringsverweer van gedaagde af en benadrukt dat eiser tot op heden onvoldoende bewijs heeft geleverd voor het causale verband. De zaak wordt aangehouden tot nader bewijs, met een zitting gepland voor bewijslevering en getuigenverhoor.
Uitkomst: Vordering wegens kennelijk onredelijk ontslag afgewezen; verdere beoordeling aansprakelijkheid wegens blootstelling aan schadelijke stoffen aangehouden voor bewijslevering.