ECLI:NL:RBZLY:2005:AU0932
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding huurovereenkomst en ontruiming bedrijfsruimte wegens niet-betaling huur
De Bank verhuurde vanaf 1 april 2002 een bedrijfsruimte te Zwolle aan SSH voor een periode van vijf jaar en twee maanden. SSH stopte met het betalen van huur vanaf 1 november 2003. De kern van het geschil betrof de vraag of een derde partij, Qua Raad Advies Holding B.V., als opvolgend huurder aansprakelijk was voor de huurbetalingen.
De Bank stelde dat SSH niet rechtsgeldig de huurovereenkomst had overgedragen aan Qua Raad, omdat niet voldaan was aan de vormvereisten van artikel 6:159 BW Pro, waaronder het ontbreken van een ondertekende akte tussen SSH en Qua Raad. SSH voerde verweer dat er mondelinge overeenstemming was over indeplaatsstelling, maar dit werd door de kantonrechter niet aanvaard.
De kantonrechter oordeelde dat SSH gebonden bleef aan haar verplichtingen uit de huurovereenkomst en dat zij toerekenbaar tekort was geschoten door niet te betalen. SSH werd veroordeeld tot betaling van de huurachterstand van €46.285,61, wettelijke rente, maandelijkse huur vanaf april 2005, en schadevergoeding tot de ontruiming van het gehuurde. Tevens werd SSH veroordeeld tot ontruiming binnen 14 dagen en werd de Bank gemachtigd om de ontruiming zelf te effectueren indien SSH in gebreke bleef.
De gevorderde buitengerechtelijke kosten werden afgewezen en SSH werd veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden en SSH wordt veroordeeld tot ontruiming en betaling van achterstallige huur en schadevergoeding.