ECLI:NL:RBZLY:2005:AT9353
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.A. Pach
- Rechtspraak.nl
Veroordeling vernietiging besluit weigering REA-vergoeding hoortoestel voor werksituatie
Eiser, werkzaam als bewakingsmedewerker en rechtszijdig volledig doof, verzocht het UWV om vergoeding van de meerkosten van een hoortoestel dat hem in staat stelt zijn werk uit te oefenen. De zorgverzekeraar vergoedde slechts een deel van de kosten. Het UWV wees de aanvraag af, stellende dat de verstrekking primair bij de zorgverzekeraar ligt en dat vanuit de Wet REA geen aanvullende bevoegdheid bestaat voor vergoeding van het resterende bedrag.
Eiser maakte bezwaar en stelde dat het hoortoestel extra voorzieningen bevat die specifiek voor zijn werksituatie noodzakelijk zijn, wat het UWV niet heeft onderzocht. De rechtbank oordeelde dat het UWV dit bijzondere aspect ten onrechte heeft genegeerd en dat het besluit onvoldoende is gemotiveerd, in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel en de motiveringsplicht van de Awb.
De rechtbank vernietigde het besluit en droeg het UWV op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens veroordeelde de rechtbank het UWV tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht. Het geschil betreft de uitleg van de bevoegdheid van het UWV onder de Wet REA voor vergoeding van voorzieningen die uitsluitend voor de werksituatie noodzakelijk zijn.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van het UWV vernietigd wegens onvoldoende motivering omtrent de vergoeding van meerkosten van een hoortoestel voor de werksituatie.