ECLI:NL:RBZLY:2005:AT8216
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Weigering verklaring omtrent gedrag voor gecombineerde taxi- en touringcarvergunning
Verzoeker vroeg om een verklaring omtrent gedrag (VOG) voor een gecombineerde taxi- en touringcarvergunning. Verweerder weigerde de VOG op grond van strafbare feiten in de justitiële documentatie, waaronder een onherroepelijke veroordeling in 2003 voor overtreding van de Opiumwet en diefstal, en een eerdere veroordeling in 1997 voor een zedendelict.
Verzoeker betwistte de motivering en wees op eerdere afgifte van een VOG in 2004. De rechtbank oordeelde echter dat de nieuwe strafbare feiten die na de eerdere aanvraag naar voren kwamen, rechtvaardigen dat de VOG nu wordt geweigerd. De belangenafweging vond zorgvuldig plaats en de beleidsregels werden niet geschonden.
De voorzieningenrechter concludeerde dat het beroep geen redelijke kans van slagen heeft en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek om voorlopige voorziening af en verklaart het beroep tegen de weigering van de VOG ongegrond.