ECLI:NL:RBUTR:2012:BY9643
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over staangeld woonwagens en dwangsombesluiten gemeente Vianen
De rechtbank Utrecht behandelde meerdere beroepen van eisers tegen aanslagen staangeld voor woonwagens opgelegd door de gemeente Vianen. De aanslagen waren gebaseerd op de Verordening staangeld Vianen 2010 en 2011, vastgesteld door de gemeenteraad. Eisers voerden onder meer aan dat de verordening onrechtmatig was, dat er sprake was van machtsmisbruik, onvoldoende bekendmaking en dat de standplaatsen niet deugdelijk waren.
De rechtbank oordeelde dat de gemeenteraad bevoegd was de verordening vast te stellen en dat er geen sprake was van misbruik van bevoegdheid. De bekendmaking via publicatie in het huis-aan-huisblad en op de website voldeed aan de wettelijke eisen. De tariefstelling in de verordening werd niet onredelijk of willekeurig bevonden. Klachten over de staat van de standplaatsen konden niet leiden tot vernietiging van de verordening.
Ten aanzien van de dwangsommen wegens niet tijdig beslissen op bezwaren stelde de rechtbank vast dat de gemeente tijdig had beslist op eerdere bezwaren, waardoor geen dwangsommen verschuldigd waren. Voor latere bezwaren had de gemeente nog geen besluiten genomen over de verschuldigdheid en hoogte van dwangsommen. De rechtbank gaf de gemeente daarom zes weken de gelegenheid deze besluiten alsnog te nemen. De beroepen tegen de besluiten van 22 juni 2012 werden ongegrond verklaard, voor zover zij betrekking hadden op de reeds genomen besluiten.
De rechtbank hield verdere beslissing aan en stelde dat tegen deze tussenuitspraak nog geen hoger beroep openstaat.
Uitkomst: De beroepen tegen de aanslagen staangeld worden ongegrond verklaard en de gemeente krijgt zes weken om besluiten over dwangsommen te nemen.