ECLI:NL:RBUTR:2012:BY7160
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.W.G. de Beer
- I.J.B. Corbey
- P.P.C.M. Waarts
- Rechtspraak.nl
Bezwaarschrift tegen dagvaarding ongegrond verklaard door rechtbank Utrecht
Verdachte diende een bezwaarschrift in tegen zijn dagvaarding, stellende dat het Openbaar Ministerie onrechtmatig had gehandeld door hem te dagvaarden zonder dat de rechter-commissaris had beslist op een verzoek ex artikel 36a Sv.
De rechtbank overweegt dat het aan de rechter-commissaris is om te beslissen op verzoeken tot onderzoekshandelingen en dat het Openbaar Ministerie kan besluiten tot vervolging indien er een redelijk vermoeden van schuld bestaat. Het OM heeft niet gehandeld in strijd met de beginselen van een goede procesorde of artikel 6 EVRM Pro.
De rechtbank toetst het bezwaarschrift terughoudend en oordeelt dat het niet hoogst onaannemelijk is dat de strafrechter het ten laste gelegde feit zal bewijzen. Er zijn geen feiten die tot buitenvervolgingstelling leiden.
De meervoudige raadkamer verklaart het bezwaarschrift ongegrond en bevestigt de ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie in de vervolging van verdachte.
Uitkomst: Het bezwaarschrift tegen de dagvaarding wordt ongegrond verklaard en de vervolging wordt voortgezet.