ECLI:NL:RBUTR:2012:BY4199
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verlenging terbeschikkingstelling wegens gemaximeerde duur en onvoldoende bewijs geweldsdelict
De rechtbank Utrecht heeft op 26 november 2012 de vordering van de officier van justitie tot verlenging van de terbeschikkingstelling met dwangverpleging voor twee jaar afgewezen. De zaak betrof een Somalische vrouw met schizofrenie en een persoonlijkheidsstoornis die in 1999 ter beschikking was gesteld wegens bedreiging met een gasalarmpistool en andere delicten.
De rechtbank overwoog dat de bewezenverklaring en strafmotivering niet zonder meer duidelijk maken dat het om een geweldsdelict gaat dat gericht is tegen de onaantastbaarheid van het lichaam, aangezien er slechts sprake was van dreigen met een niet-echt pistool. Hierdoor is de terbeschikkingstelling gemaximeerd en kan deze niet worden verlengd zonder de vereiste motivering.
Hoewel de terbeschikkinggestelde een hoog risico op gewelddadig gedrag vertoont en niet medicatietrouw is, acht de rechtbank deze omstandigheden onvoldoende om de verlenging toe te staan. De recente jurisprudentie van het EHRM en het Gerechtshof Arnhem werden hierbij betrokken. De rechtbank concludeerde dat de vordering van de officier van justitie moet worden afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot verlenging van de terbeschikkingstelling af omdat de tbs gemaximeerd is.