ECLI:NL:RBUTR:2012:BY3268
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak inklimming en veroordeling voor woninginbraken en poging tot inbraak
De rechtbank Utrecht heeft verdachte vrijgesproken van het ten laste gelegde inklimmen bij een woninginbraak, omdat de toegang via een schuifpui verliep die bestemd is voor betreding van de woning en er geen braakschade was vastgesteld. Wel werd verdachte veroordeeld voor twee woninginbraken en een poging tot inbraak, waarbij hij sieraden, geld en andere kostbaarheden heeft weggenomen.
Het bewijs bestond uit onder meer vingerafdrukken op een ruit, bloedsporen die met grote zekerheid aan verdachte konden worden gekoppeld, en verklaringen van getuigen en verdachte zelf. De verdediging voerde onder meer aan dat het NFI-onderzoek niet in een deskundigenrapport was vastgelegd, maar de rechtbank achtte het bewijs toch wettig en overtuigend.
De rechtbank hield rekening met de ernst van de feiten, de impact op de slachtoffers, en het recidiverisico van verdachte. De opgelegde straf bestaat uit negen maanden gevangenisstraf, waarvan drie maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en bijzondere voorwaarden waaronder reclasseringstoezicht en deelname aan een arbeidsvaardighedentraining. Daarnaast werd een eerdere voorwaardelijke straf van één maand ten uitvoer gelegd.
De benadeelde partij van de eerste inbraak kreeg een schadevergoeding toegekend van €230,- met wettelijke rente, terwijl de vordering van de tweede benadeelde partij werd afgewezen wegens onvoldoende bewijs en de mogelijkheid tot civiele procedure. De rechtbank wees ook de omzetting van de straf in een taakstraf af vanwege het recidiverisico en de overtreding van voorwaarden door verdachte.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot negen maanden gevangenisstraf waarvan drie maanden voorwaardelijk voor woninginbraken en poging tot inbraak, vrijgesproken van inklimming.