ECLI:NL:RBUTR:2012:BY2993
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bezwaarschrift tegen tenuitvoerlegging vervangende jeugddetentie ongegrond verklaard
De rechtbank Utrecht behandelde op 6 november 2012 het bezwaarschrift van de veroordeelde tegen de kennisgeving van de tenuitvoerlegging van vervangende jeugddetentie op grond van artikel 77p van het Wetboek van Strafrecht. De veroordeelde had een taakstraf opgelegd gekregen bestaande uit een werkstraf van 17,5 uur, subsidiair 8 dagen vervangende jeugddetentie. Uit een brief van de Raad voor de Kinderbescherming bleek dat de veroordeelde niet was begonnen met de werkstraf.
Tijdens de zitting van 23 oktober 2012 werd de veroordeelde gehoord, evenals de officier van justitie en de raadsman. De rechtbank stelde vast dat de veroordeelde wel was bereikt en had verklaard te willen werken, maar niet op het werk was verschenen. Er was geen sprake van verwarring over een hoger beroep in een andere zaak of onjuiste adresgegevens.
Op grond van het dossier en het onderzoek ter zitting oordeelde de rechtbank dat het bezwaarschrift ongegrond moest worden verklaard en de tenuitvoerlegging van de vervangende jeugddetentie terecht was bevolen. De rechtbank baseerde zich hierbij op artikel 77p van het Wetboek van Strafrecht.
Uitkomst: Het bezwaarschrift van de veroordeelde tegen de kennisgeving van tenuitvoerlegging van vervangende jeugddetentie is ongegrond verklaard.