ECLI:NL:RBUTR:2012:BX7665
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing faillietverklaring besloten vennootschap wegens ontbreken openbaar belang
Het openbaar ministerie verzocht de rechtbank Utrecht om faillietverklaring van een besloten vennootschap vanwege het niet meer kunnen voldoen van haar betalingsverplichtingen en het bestaan van een openbaar belang. Het verzoek werd onderbouwd met onbetaalde vorderingen van drie schuldeisers, waaronder de Europese Commissie en de Belastingdienst, en vermoedens van frauduleus handelen in de periode 2004-2008.
De rechtbank stelde vast dat de vennootschap inderdaad in staat van faillissement verkeert omdat zij haar schulden niet voldoet. Echter, het openbaar belang dat het verzoek zou rechtvaardigen, ontbrak. De rechtbank overwoog dat het belang van de crediteuren niet zonder meer een openbaar belang vormt en dat crediteuren zelf faillissement kunnen aanvragen. Daarnaast was het gerechtelijk onderzoek naar frauduleus handelen nog niet afgerond en was de bestuurder inmiddels bereikbaar.
De rechtbank concludeerde dat de omstandigheden, waaronder het vermeende frauduleus handelen en de buitenlandse verblijfplaats van de bestuurder, onvoldoende waren om het openbaar belang aan te nemen. Het verzoek tot faillietverklaring werd daarom afgewezen en het openbaar ministerie werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek tot faillietverklaring van de besloten vennootschap wordt afgewezen wegens het ontbreken van een openbaar belang.