ECLI:NL:RBUTR:2012:BX3209
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.W.G. de Beer
- E.A. Messer
- Z.J. Oosting
- Rechtspraak.nl
Toelaatbaarheid uitlevering Liberiaanse onderdaan aan Noorwegen wegens drugshandel
De rechtbank Utrecht behandelde het verzoek van Noorwegen tot uitlevering van een Liberiaanse onderdaan, verdacht van drugshandel. De verdachte heeft ter zitting bevestigd de opgeëiste persoon te zijn. De rechtbank beoordeelde de toelaatbaarheid van het uitleveringsverzoek, waarbij werd vastgesteld dat de feiten zowel in Noorwegen als Nederland strafbaar zijn en een gevangenisstraf van minimaal één jaar kunnen opleveren.
De verdediging voerde verschillende verweren aan, waaronder een overschrijding van de wettelijke termijn voor het in behandeling nemen van het verzoek en onduidelijkheden over het bewijs, met name de telefoontaps en de vertaling van het Noorse vonnis. De rechtbank verwierp deze verweren, stellende dat er geen sanctie is verbonden aan de termijnoverschrijding en dat het dossier voldoende duidelijkheid biedt over de feiten.
Verder werd vastgesteld dat het verzoek vergezeld ging van een rechtsgeldig bevel tot aanhouding en dat de uitlevering niet in strijd is met de vereisten van dubbele strafbaarheid. De rechtbank adviseerde de Minister van Justitie om gevolg te geven aan het uitleveringsverzoek. De verdachte verbleef reeds in voorlopige hechtenis en de rechtbank achtte verlenging daarvan gegrond vanwege vluchtgevaar.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de uitlevering van de opgeëiste persoon aan Noorwegen toelaatbaar en adviseert de Minister van Justitie om het verzoek te honoreren.