ECLI:NL:RBUTR:2012:BV0457
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.J. Grapperhaus
- M.A.E. Somsen
- N. van der Velden
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor opzettelijke onttrekking van minderjarige aan wettig gezag onder twaalf jaar
De rechtbank Utrecht heeft verdachte schuldig bevonden aan het opzettelijk onttrekken van haar minderjarige dochter, jonger dan twaalf jaar, aan het wettig gezag van de vader in de periode van 9 tot en met 17 december 2009. Verdachte hield het kind weg van de gezagsdrager en liet zowel de vader als Bureau Jeugdzorg in het ongewisse over de verblijfplaats van het kind.
De verdediging voerde aan dat het feit in Groot-Brittannië was gepleegd en dat de Nederlandse rechter daarom niet bevoegd was, en dat het opzet ontbrak omdat het kind al uit huis was geplaatst. De rechtbank verwierp deze verweren, onder meer omdat het ouderlijk gezag aan de vader was toegewezen en de onttrekking effect had in Nederland. Tevens was de beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
De rechtbank achtte het bewezen dat verdachte vanaf 9 december 2009 de verblijfplaats van de minderjarige niet bekendmaakte, waardoor het wettig gezag werd aangetast. Na 17 december 2009 viel deze invloed weg doordat de verblijfplaats bekend werd. Gelet op de ernst van het feit, de leeftijd van het kind en de persoonlijke omstandigheden van verdachte, legde de rechtbank een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van 4 maanden op met een proeftijd van twee jaar.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 4 maanden met een proeftijd van 2 jaar wegens het onttrekken van een minderjarige aan het wettig gezag.