ECLI:NL:RBUTR:2012:BV0236

Rechtbank Utrecht

Datum uitspraak
4 januari 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
16/601314-09.
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 38s SrArt. 509aa Sv
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voortzetting maatregel plaatsing in inrichting voor stelselmatige daders

De veroordeelde verblijft sinds februari 2010 in de PI Utrecht, locatie Wolvenplein, onder de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders (ISD), opgelegd voor een duur van twee jaar. De maatregel zou eindigen op 10 februari 2012. Namens de veroordeelde is op 15 november 2011 een verzoek ingediend tot beëindiging van de ISD-maatregel, omdat er geen zicht was op woonruimte, werk, begeleiding of behandeling na invrijheidstelling.

Uit het voortgangsverslag van december 2011 bleek dat de veroordeelde een positieve intake had bij een begeleide woonvorm in Amersfoort, genaamd “Aanzien”. De deskundige verklaarde dat deze woonvorm beschikbaar zou zijn na beëindiging van de maatregel en dat de komende weken gericht zouden zijn op dagbesteding en voortzetting van behandeling bij Kade 17.

Tijdens de zitting van 4 januari 2012 concludeerde de officier van justitie tot voortzetting van de ISD-maatregel, terwijl de raadsvrouwe namens de veroordeelde om beëindiging verzocht. De rechtbank constateerde dat de veroordeelde vooruitgang boekt binnen het ISD-traject en dat verdere begeleiding en behandeling noodzakelijk en zinvol zijn voor een verantwoorde terugkeer in de maatschappij. Gezien het korte resterende tijdsbestek van enkele weken, besloot de rechtbank de maatregel voort te zetten.

Uitkomst: De rechtbank besloot de ISD-maatregel voort te zetten vanwege vooruitgang en noodzakelijkheid van verdere begeleiding.

Uitspraak

RECHTBANK UTRECHT
Sector strafrecht
Parketnummer: 16/601314-09
Datum uitspraak: 4 januari 2012
Beslissing ex artikel 38s Wetboek van Strafrecht
Beslissing van de meervoudige raadkamer voor strafzaken, naar aanleiding van het onderzoek ex artikel 509aa van het Wetboek van Strafvordering, betrekking hebbend op de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders opgelegd aan:
[verdachte],
geboren op [1968] te Utrecht,
thans verblijvende in P.I. Utrecht, locatie Wolvenplein.
De rechtbank heeft acht geslagen op de zich in het dossier van de veroordeelde bevindende stukken, waaronder:
• het vonnis van deze rechtbank van 19 januari 2010, waaruit blijkt dat aan de veroordeelde is opgelegd de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders voor de duur van 2 jaar;
• het verzoek namens de veroordeelde van 15 november 2011, inhoudende dat de rechtbank zal bepalen dat de ISD-maatregel wordt beëindigd dan wel dat een nieuwe termijn wordt vastgesteld waarbinnen een tussentijdse toetsing plaats zal vinden;
• een de veroordeelde betreffend voortgangsverslag tenuitvoerlegging ISD-maatregel van 7 december 2011, opgemaakt door J. Haitjema, individueel trajectbegeleider.
Het onderzoek heeft plaatsgevonden ter zitting van 21 december 2011, waarbij de officier van justitie, de veroordeelde, de raadsvrouwe mr. H.M. Mauritz. alsmede de getuige-deskundige J. Haitjema zijn gehoord.
OVERWEGINGEN:
Uit de voornoemde stukken en het verhandelde ter zitting blijkt onder meer het volgende.
De veroordeelde verblijft sinds 19 februari 2010 in het Wolvenplein. De ISD-maatregel zal in principe eindigen op 10 februari 2012.
Het verzoekschrift d.d. 15 november 2011, dat namens veroordeelde is ingediend, geeft als reden voor het verzoek tot beëindiging van de maatregel aan dat veroordeelde nog steeds verblijft in het Wolvenplein en er geen zicht is op woonruimte, werk, begeleiding of behandeling na zijn invrijheidstelling.
Uit het voortgangsverslag tenuitvoerlegging ISD-maatregel is gebleken dat veroordeelde op 5 december 2011 een intake heeft gehad bij “Aanzien”. “Aanzien” is een begeleide woonvorm in Amersfoort. De intake van veroordeelde is positief verlopen.
De deskundige heeft ter terechtzitting aangegeven dat “Aanzien” ervoor zal zorgen dat veroordeelde daar terecht kan op het moment dat de ISD-maatregel wordt beëindigd.
De deskundige heeft voorts verklaard dat de komende weken, tot het moment van beëindigen van de ISD-maatregel, in het teken zullen staan van dagbesteding en het vervolgen van de behandeling bij Kade 17.
De officier van justitie heeft ter zitting geconcludeerd tot voortzetting van de ISD-maatregel.
De raadsvrouwe heeft ter zitting namens de veroordeelde verzocht om beëindiging van de ISD-maatregel. De veroordeelde heeft ter zitting verklaard dat hij onder behandeling wil blijven bij Kade 17, maar dat dit niet onder de vlag van de ISD-maatregel hoeft plaats te vinden, omdat de behandeling bij Kade 17 ook na afloop van de ISD-maatregel zal worden voortgezet in dezelfde vorm.
De rechtbank constateert dat de veroordeelde binnen het ISD-traject vooruitgang boekt en dat er voor veroordeelde uitzicht is op woonruimte na afloop van de ISD-maatregel. Voorts is de rechtbank van oordeel dat verdere begeleiding en behandeling in het kader van de ISD-maatregel, zoals is voorgesteld door PI Wolvenplein, zal bijdragen aan een verantwoorde terugkeer van de veroordeelde in de maatschappij. Voortzetting van de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders acht de rechtbank dan ook nog steeds noodzakelijk en zinvol. Daarbij heeft de rechtbank mede in overweging genomen dat het op dit moment nog slechts om enkele weken van voortzetting van de ISD-maatregel gaat. Derhalve ziet de rechtbank geen aanleiding om de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders te beëindigen.
De rechtbank heeft gelet op artikel 38s van het Wetboek van Strafrecht.
BESLISSING:
De rechtbank verstaat dat de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders, opgelegd aan [verdachte], wordt voortgezet.
Deze beslissing is gegeven door mr. A.M. Crouwel, voorzitter, mrs. J.R. Krol en E.A. Messer, rechters, in tegenwoordigheid van de griffier mr. L.C.J. van der Heijden en is uitgesproken ter openbare zitting op 4 januari 2012.
PROCES-VERBAAL van de in het openbaar gehouden terechtzitting van de rechtbank te Utrecht, enkelvoudige kamer in strafzaken, van 4 januari 2012,
in de zaak tegen de veroordeelde gestelde:
[verdachte],
geboren op [1968] te Utrecht,
thans verblijvende in P.I. Utrecht, locatie Wolvenplein.