ECLI:NL:RBUTR:2011:BV9528
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.M. Eelkema
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid advocaat voor beroepsfout bij nietige managementovereenkomst wegens verboden steunhandeling
In deze zaak stond de vraag centraal of een advocaat een beroepsfout had gemaakt bij de begeleiding van de verkoop van aandelen, waarbij een deel van de koopsom werd betaald via een managementovereenkomst. Deze overeenkomst werd door een arbiter nietig verklaard wegens strijd met artikel 2:207c lid 1 BW, dat verboden steunhandelingen verbiedt.
De rechtbank stelde vast dat de managementvergoeding onderdeel was van de koopsom en dat de advocaat had moeten waarschuwen voor het risico van nietigheid. Door dit nalaten ontstond schade voor de verkopende partij, die de reeds betaalde vergoeding moest terugbetalen en het resterende bedrag niet kon innen.
De rechtbank oordeelde dat het causale verband tussen de beroepsfout en de schade aanwezig was voor het reeds betaalde bedrag, maar niet voor het nog niet betaalde deel, omdat de koper financieel niet meer in staat was te betalen. De advocaat en haar kantoor werden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van €142.373,45, vermeerderd met rente en proceskosten.
Uitkomst: Advocaat en haar kantoor worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van €142.373,45 schadevergoeding plus rente en proceskosten wegens beroepsfout.