ECLI:NL:RBUTR:2011:BV3745
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling rechtspersoon voor valsheid in geschrift en witwassen via valse facturen
De rechtbank Utrecht heeft op 22 december 2011 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen een rechtspersoon, verdacht van valsheid in geschrift en witwassen. De zaak betrof het opmaken en indienen van valse facturen aan een andere vennootschap, [medeverdachte 4], die betrokken was bij vastgoedprojecten.
Uit het onderzoek bleek dat de facturen niet gebaseerd waren op daadwerkelijk verrichte werkzaamheden. De rechtbank concludeerde dat de facturen waren bedoeld om crimineel geld wit te wassen, afkomstig uit oplichting. Diverse documenten, verklaringen en financiële overzichten ondersteunden deze conclusie. De betrokkenheid van meerdere verdachten en de geldstromen tussen de vennootschappen werden uitgebreid onderzocht.
De verdediging voerde verweren aan, waaronder de onbetrouwbaarheid van verklaringen en het bestaan van legale werkzaamheden, maar deze werden door de rechtbank verworpen. De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat de rechtspersoon valsheid in geschrift en witwassen heeft gepleegd.
De rechtbank legde een geldboete van €15.000 op, rekening houdend met de ernst van de feiten en het feit dat de rechtspersoon niet eerder was veroordeeld. De rechtbank sprak de verdachte vrij van overige ten laste gelegde feiten.
Uitkomst: De rechtspersoon is veroordeeld tot een geldboete van €15.000 wegens valsheid in geschrift en witwassen.