ECLI:NL:RBUTR:2011:BV3042
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding huurovereenkomst bedrijfsruimte en gebruiksvergoeding na ontruiming
In deze zaak vordert eiser ontbinding van de huurovereenkomst met betrekking tot een bedrijfsruimte en betaling van achterstallige huurpenningen, gebruiksvergoeding, schadevergoeding en rente. De huurovereenkomst was eerder bij verstek ontbonden door een vonnis van 29 juli 2009, waarbij gedaagde tevens werd veroordeeld tot ontruiming en betaling van achterstallige huur.
Gedaagde heeft de bedrijfsruimte pas op 30 juni 2011 ontruimd en heeft na het vonnis betalingen verricht die eiser als huurpenningen kwalificeert, stellende dat de huurovereenkomst is herleefd. Gedaagde betwist dit en stelt dat geen nieuwe huurovereenkomst is gesloten en dat de betalingen slechts gebruiksvergoeding betreffen, conform het eerdere vonnis.
De rechtbank oordeelt dat de ontbinding van de huurovereenkomst definitief is en dat geen sprake is van herleving of nieuwe overeenkomst. De betalingen van gedaagde zijn gebruiksvergoeding. Gedaagde is gehouden deze te voldoen tot de ontruimingsdatum. Over de niet-betaalde bedragen is wettelijke rente verschuldigd. Proceskosten worden gecompenseerd, ieder draagt eigen kosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot herleving van de huurovereenkomst af en veroordeelt gedaagde tot betaling van wettelijke rente over niet-betaalde gebruiksvergoeding.