ECLI:NL:RBUTR:2011:BU8917
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Oplegging ISD-maatregel voor recidiverende diefstallen en mishandeling ondanks eerdere hulpverlening
Verdachte werd vervolgd voor meerdere diefstallen en een mishandeling gepleegd in 2011. De rechtbank achtte de feiten wettig en overtuigend bewezen op basis van verklaringen van getuigen, aangevers en de bekennende verklaring van verdachte zelf.
Ondanks eerdere vrijheidsstraffen en een afgerond ISD-traject, bleef verdachte recidiveren en toonde hij weinig respect voor anderen en hun eigendommen. Diverse hulpverleningspogingen, waaronder ambulante begeleiding en reclasseringstoezicht, bleken niet effectief. De rechtbank concludeerde dat het drugsgebruik van verdachte de kern van zijn problematiek vormt en dat behandeling noodzakelijk is.
De rechtbank oordeelde dat de veiligheid van personen en goederen het opleggen van een ISD-maatregel eist. Het ontbreken van een concreet behandelplan vormt geen beletsel. De maatregel wordt opgelegd voor twee jaar, met de verplichting voor het Openbaar Ministerie om binnen negen maanden te rapporteren over het verloop en de noodzaak van voortzetting.
Verdachte werd vrijgesproken van wat meer of anders is ten laste gelegd. De uitspraak werd gewezen door de meervoudige kamer van de rechtbank Utrecht op 16 september 2011.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een ISD-maatregel van twee jaar wegens recidiverende diefstallen en mishandeling.