ECLI:NL:RBUTR:2011:BU7468
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor belaging en eenvoudige belediging van vakbondvoorzitter
Verdachte heeft tussen 2007 en 2011 herhaaldelijk brieven gestuurd aan de voorzitter van een vakbond, waarin hij haar verantwoordelijk hield voor vermeende misstanden na een arbeidsrechtelijk geschil met zijn voormalige werkgever. De brieven werden steeds dreigender van toon, culminerend in een brief met beledigende termen als "verraadster" en "hoer". Ondanks waarschuwingen van politie en vakbond bleef verdachte brieven sturen, ook naar derden.
De rechtbank achtte bewezen dat verdachte stelselmatig inbreuk maakte op de persoonlijke levenssfeer van het slachtoffer en haar opzettelijk heeft beledigd. Verdachte erkende de brieven te hebben gestuurd en begreep dat het slachtoffer zich bedreigd voelde, maar rechtvaardigde zijn gedrag als een poging om zijn verhaal voor de rechter te doen.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot een werkstraf van 80 uur met vervangende hechtenis van 40 dagen bij niet-nakoming, en een voorwaardelijke gevangenisstraf van vier weken met een proeftijd van vijf jaar. Tijdens deze proeftijd mag verdachte geen contact opnemen met het slachtoffer of een andere betrokken persoon, zowel privé als in publieke hoedanigheid.
De strafoplegging houdt rekening met de ernst van de feiten, de langdurige duur van het gedrag en de persoonlijke omstandigheden van verdachte. De rechtbank benadrukte dat het gedrag van verdachte zwaar weegt en dat het contactverbod noodzakelijk is om herhaling te voorkomen.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van vier weken, een taakstraf van 80 uur en een contactverbod met het slachtoffer gedurende vijf jaar.