ECLI:NL:RBUTR:2011:BU6174
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen recht op kindgebonden budget bij partner zonder rechtmatig verblijf
Eiseres vordert een tegemoetkoming in de vorm van kindgebonden budget voor de jaren 2008, 2009 en 2010. Verweerder heeft dit geweigerd op grond van artikel 9, tweede lid, van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen (Awir), omdat de partner van eiseres geen rechtmatig verblijf in Nederland had. De rechtbank bevestigt dat dit koppelingsbeginsel wettelijk is verankerd en dat de weigering niet discriminerend is in de zin van artikel 26 van Pro het Internationaal verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (IVBPR).
Eiseres beroept zich op het IVBPR en het recht van het kind, stellende dat de betaalde voorschotten ten behoeve van haar vier kinderen zijn gebruikt en daarom niet teruggevorderd mogen worden. De rechtbank wijst dit af omdat het voorschot slechts een voorlopige toekenning is die kan worden herzien en omdat het recht op toeslag ontbreekt. Tevens wordt het beroep op een hoorzitting verworpen omdat het bezwaar kennelijk ongegrond was en eiseres geen bewijs kon leveren dat haar partner elders woonde.
De rechtbank wijst erop dat er betalingsregelingen mogelijk zijn voor terugvorderingen en verklaart het beroep ongegrond. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van onverschuldigde voorschotten is terecht.