ECLI:NL:RBUTR:2011:BU1588
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- I. Bruna
- L.M.G. de Weerd
- Y.A.T. Kruijer
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende wettig bewijs oplichting kamerhuurders
De rechtbank Utrecht behandelde op 25 oktober 2011 de zaak tegen verdachte die werd verdacht van oplichting van meerdere kamerhuurders en deelname aan een criminele organisatie met dat doel. De officier van justitie baseerde haar bewijs op verklaringen van een medeverdachte en diverse aanwijzingen zoals wijziging van bankrekening en gebruik van sleutel en auto van een medeverdachte.
De verdediging betoogde dat de verklaring van de medeverdachte niet als bewijs mocht worden gebruikt omdat deze niet was ondervraagd vanwege zijn verschoningsrecht, en dat er onvoldoende bewijs was voor de wetenschap van verdachte omtrent de oplichting. De rechtbank oordeelde dat hoewel er aanwijzingen waren, deze niet voldoende waren om wettig bewijs te vormen dat verdachte wist van de oplichting.
Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten. Tevens werd gelast tot teruggave van in beslag genomen voorwerpen die niet vatbaar zijn voor verbeurdverklaring. Het vonnis werd gewezen door drie rechters, waarbij één rechter niet medeondertekende.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig bewijs voor oplichting.