ECLI:NL:RBUTR:2011:BT7655
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Plaatsing verdachte in psychiatrisch ziekenhuis wegens ontoerekeningsvatbaarheid na bedreiging en mishandeling
Op 18 februari 2011 had verdachte een conflict met zijn buurmeisje waarbij hij zwaaiende bewegingen maakte met twee bestekmessen en haar bedreigde met de woorden dat hij haar zou vermoorden. Daarnaast kneep hij haar krachtig in de bovenarm, wat pijn en letsel veroorzaakte.
De rechtbank achtte de poging tot zware mishandeling niet wettig en overtuigend bewezen, mede vanwege de afstand, het gebruik van botte messen en het dragen van een blazer en mantel door het slachtoffer. Wel werd bewezen verklaard dat verdachte de buurvrouw bedreigde met een misdrijf tegen het leven en haar mishandelde.
Psychiatrisch onderzoek wees uit dat verdachte leed aan een schizofrene stoornis van het paranoïde type, waardoor hij ontoerekeningsvatbaar was ten tijde van de feiten. De rechtbank ontsloeg verdachte daarom van alle rechtsvervolging en gelastte plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis voor de duur van één jaar.
De benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard in haar schadevordering en verwezen naar de burgerlijke rechter. Twee bestekmessen werden verbeurd verklaard omdat deze als voorwerpen bij het bewezen verklaarde feit waren gebruikt.
Het vonnis werd uitgesproken door de meervoudige kamer van de rechtbank Utrecht op 9 augustus 2011.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van poging zware mishandeling, ontoerekeningsvatbaar verklaard en geplaatst in een psychiatrisch ziekenhuis voor één jaar.