ECLI:NL:RBUTR:2011:BT2927
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzoek tot inschrijving Turks gezagsbesluit in Nederlands gezagsregister
De moeder verzocht de rechtbank om een beschikking van de rechtbank te Antalya, Turkije, waarin het ouderlijk gezag aan haar werd toegekend, in het Nederlandse gezagsregister in te schrijven. De rechtbank Zwolle-Lelystad verklaarde zich onbevoegd en verwees de zaak naar de rechtbank Utrecht.
De rechtbank Utrecht oordeelde dat op grond van artikel 1:244 BW Pro en het Besluit Gezagsregisters alleen rechtsfeiten met betrekking tot gezagsuitoefening over in het arrondissement geboren kinderen kunnen worden ingeschreven door de griffier. Een verzoek tot inschrijving dient rechtstreeks aan de griffier te worden gericht en is niet voor de rechter vatbaar.
Daarnaast wees de rechtbank op het Europees Verdrag van Luxemburg (1980) betreffende erkenning en tenuitvoerlegging van beslissingen inzake gezag over kinderen, waarbij Nederland en Turkije partij zijn. De moeder dient haar verzoek tot erkenning en tenuitvoerlegging van de Turkse beschikking in Nederland via de centrale autoriteit van het Ministerie van Justitie in te dienen.
De rechtbank verklaarde de moeder daarom niet-ontvankelijk in haar verzoek tot inschrijving van het gezagsbesluit in het Nederlandse gezagsregister en in het aanvullende verzoek tot verklaring van uitvoerbaarheid van het Turkse besluit.
Uitkomst: De moeder is niet-ontvankelijk verklaard in haar verzoek tot inschrijving van het Turkse gezagsbesluit in het Nederlandse gezagsregister.