ECLI:NL:RBUTR:2011:BR5493
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.M. Eelkema
- Rechtspraak.nl
Kennelijk onredelijk ontslag wegens afgebroken onderhandelingen en schending wederindiensttredingsvoorwaarde
Eiseres was sinds 2003 in dienst bij gedaagde als verkoopster. Gedaagde wilde vanwege bedrijfseconomische redenen de arbeidsovereenkomst wijzigen naar een 0-urencontract, maar de onderhandelingen liepen vast. Gedaagde vroeg vervolgens een ontslagvergunning aan en nam een oproepkracht aan, waarmee hij de wederindiensttredingsvoorwaarde schond.
De kantonrechter beoordeelde dat het voorstel van gedaagde ingrijpend was en dat van eiseres niet in redelijkheid kon worden verlangd dit te accepteren. Het afbreken van de onderhandelingen door gedaagde was in strijd met goed werkgeverschap. Daarnaast werd vastgesteld dat gedaagde de voorwaarde van wederindiensttreding schond door een oproepkracht in dienst te nemen voor dezelfde werkzaamheden.
Hoewel eiseres onvoldoende specifieke omstandigheden had aangevoerd om het gevolgencriterium te doen gelden, oordeelde de kantonrechter dat het ontslag kennelijk onredelijk was. Er werd een schadevergoeding van €1.675,80 bruto toegekend, berekend over de periode tot de sluiting van de winkel. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten werden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
Uitkomst: Het ontslag wordt kennelijk onredelijk verklaard en gedaagde moet een schadevergoeding van €1.675,80 bruto betalen.