ECLI:NL:RBUTR:2011:BQ8531
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling diefstal auto door braak en verbreking in vereniging
De rechtbank Utrecht heeft op 27 mei 2011 uitspraak gedaan in de strafzaak tegen verdachte, die werd verdacht van diefstal van een personenauto in vereniging met anderen. De rechtbank stelde vast dat de dagvaarding geldig was, zij bevoegd was en de officier van justitie ontvankelijk was in de vervolging.
Op basis van de bekennende verklaring van verdachte en de aangifte van de benadeelde achtte de rechtbank het bewezen dat verdachte samen met anderen een Ford Escort Clipper heeft gestolen door braak en verbreking van de bedrading onder het stuurhuis. Verdachte werd vrijgesproken van overige tenlasteleggingen.
De rechtbank hield rekening met de ernst van het feit, de schade voor de benadeelde en de spijtbetuiging van verdachte. Verdachte werd veroordeeld tot 180 dagen gevangenisstraf, waarvan 83 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, en kreeg een bijzondere voorwaarde van reclasseringstoezicht. Tevens werd een eerder opgelegde voorwaardelijke straf van 100 dagen ten uitvoer gelegd. De benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering in het strafproces, die bij de burgerlijke rechter kan worden ingediend.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 180 dagen gevangenisstraf waarvan 83 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar wegens diefstal van een auto door braak en verbreking in vereniging.