ECLI:NL:RBUTR:2011:BQ6349
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Uitspraak rechtbank over nietigheid bindend advies Commissie van Beroep Judo Bond Nederland
De zaak betreft een geschil tussen een lid en de Judo Bond Nederland (JBN) over de geldigheid van een uitspraak van de Commissie van Beroep van JBN. Eiser stelt dat deze uitspraak een besluit is van een orgaan van de rechtspersoon en daarom nietig of vernietigbaar is. Daarnaast voert hij aan dat het een arbitraal vonnis betreft dat vernietigd moet worden en dat de uitspraak in strijd is met het recht op een eerlijk proces.
De rechtbank onderzoekt eerst of eiser voldoende belang heeft bij zijn vordering en concludeert dat dit het geval is vanwege de mogelijkheid dat de uitspraak van de Tuchtcommissie herleeft bij vernietiging van het bindend advies. Vervolgens beoordeelt de rechtbank of de Commissie van Beroep een orgaan is van JBN en oordeelt dat dit niet het geval is, mede op grond van de statuten en het onafhankelijke karakter van de Commissie.
De rechtbank gaat daarna in op de vraag of sprake is van arbitrage, maar stelt vast dat het geschil volgens de statuten niet aan arbitrage is onderworpen. De uitspraak van de Commissie van Beroep wordt gekwalificeerd als bindend advies. De rechtbank toetst de ontvankelijkheid van de vordering tot vernietiging en de motivering en onafhankelijkheid van de uitspraak, en concludeert dat geen sprake is van vernietigbaarheid. Ook procedurele klachten van eiser worden afgewezen wegens gebrek aan nadeel.
De rechtbank wijst de vorderingen af, veroordeelt eiser in de proceskosten en verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van eiser af en veroordeelt hem in de proceskosten.