ECLI:NL:RBUTR:2011:BQ5186
Rechtbank Utrecht
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening gebieds- en groepsverbod minderjarige wegens herhaalde ordeverstoring
Bij besluit van 28 maart 2011 legde de burgemeester van Utrecht aan verzoeker, een minderjarige, een gebiedsverbod en groepsverbod op voor delen van de wijk Vleuten-De Meern vanwege herhaalde verstoring van de openbare orde. Verzoeker maakte bezwaar en vroeg om een voorlopige voorziening, die op 4 mei 2011 werd behandeld achter gesloten deuren vanwege zijn minderjarigheid en de aard van de strafrechtelijke feiten.
De voorzieningenrechter overwoog dat de bevoegdheid tot het opleggen van dergelijke verboden is neergelegd in artikel 172a van de Gemeentewet, bedoeld voor personen die herhaaldelijk groepsgewijs de openbare orde verstoren of daarbij een leidende rol vervullen. Uit het dossier bleek dat verzoeker tussen december 2009 en februari 2011 betrokken was bij circa 50 incidenten van hinderlijk en overlastgevend gedrag, waaronder ernstige incidenten zoals vechtpartijen en dreigende situaties.
De rechtbank concludeerde dat aan de voorwaarden voor het opleggen van het gebieds- en groepsverbod was voldaan, waaronder de ernstige vrees voor verdere verstoring van de openbare orde. Hoewel verweerder geen specifiek beleid of stappenplan had voor de toepassing van artikel 172a, was het besluit proportioneel en subsidiariteit was in het licht van de ernst en frequentie van de overlast gewaarborgd. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het gebieds- en groepsverbod is afgewezen.