ECLI:NL:RBUTR:2011:BQ4795
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- P. Wagenmakers
- J. Ebbens
- Z.J. Oosting
- Rechtspraak.nl
Afwijzing tenuitvoerlegging voorwaardelijke gevangenisstraf wegens niet-schending proeftijd
De rechtbank Utrecht behandelde op 13 april 2011 de vordering van de officier van justitie tot tenuitvoerlegging van een voorwaardelijke gevangenisstraf van 66 dagen, opgelegd bij een onherroepelijk vonnis van 29 april 2009. De veroordeelde was binnen de proeftijd als verdachte aangemerkt voor mishandeling en vernieling. De mishandeling werd geseponeerd en de veroordeelde werd op 2 maart 2011 vrijgesproken van vernieling.
Tijdens de zitting werd vastgesteld dat de veroordeelde zich hield aan de voorschriften en aanwijzingen van Reclassering Nederland, waaronder het volgen van een cognitieve vaardigheidstraining. De rechtbank achtte daarom niet aannemelijk dat de veroordeelde de voorwaarden van de proeftijd had geschonden.
Gezien deze feiten wees de rechtbank de vordering van de officier van justitie tot tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke straf af, met inachtneming van artikel 14g van het Wetboek van Strafrecht. De beslissing werd genomen door de meervoudige kamer voor strafzaken te Utrecht, waarbij mr. J. Ebbens niet kon meeondertekenen.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke gevangenisstraf af wegens niet-schending van de proeftijdvoorwaarden.