ECLI:NL:RBUTR:2010:BQ6179
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- I. Bruna
- J.R. Krol
- M.P. Gerrits-Janssens
- Rechtspraak.nl
Plaatsing verdachte in inrichting voor stelselmatige daders na poging zware mishandeling en vernieling
De rechtbank Utrecht behandelde op 11 oktober 2010 de strafzaak tegen verdachte, die werd vervolgd onder de parketnummers 16/600172-10 en 16/600419-10. Verdachte werd beschuldigd van vernieling en diefstal van fietsen, mishandeling van een aangeefster, en poging zware mishandeling van een ander slachtoffer. De rechtbank sprak verdachte vrij van de diefstal van een mobiele telefoon wegens onvoldoende bewijs, maar achtte de poging zware mishandeling wettig en overtuigend bewezen.
De rechtbank nam bij haar oordeel mee dat verdachte een geschiedenis heeft van verslaving en veelvuldige veroordelingen, waarbij eerdere klinische behandelingen voortijdig werden afgebroken. Diverse deskundigen en reclasseringsadviezen wezen op een hoog recidiverisico en de noodzaak van een gedwongen maatregel. De rechtbank oordeelde dat plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders noodzakelijk is om de veiligheid te waarborgen en verdachte te behandelen.
De rechtbank legde de maatregel op voor de maximale duur van twee jaar, waarbij de tijd in voorlopige hechtenis niet in mindering werd gebracht. Tevens werd verdachte veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van €346,50 aan het slachtoffer, bestaande uit materiële en immateriële schade. De rechtbank verklaarde de benadeelde partij niet-ontvankelijk voor het overige deel van de vordering, dat bij de burgerlijke rechter kan worden ingediend.
Uitkomst: Verdachte wordt geplaatst in een inrichting voor stelselmatige daders voor twee jaar en veroordeeld tot betaling van €346,50 schadevergoeding.