ECLI:NL:RBUTR:2010:BO2783
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.R. Krol
- Z.J. Oosting
- P.W.G. de Beer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot tenuitvoerlegging voorwaardelijke gevangenisstraf wegens ontbreken noodzaak behandeling
De rechtbank Utrecht behandelde op 9 september 2010 een vordering van de officier van justitie tot tenuitvoerlegging van een voorwaardelijke gevangenisstraf opgelegd bij vonnis van 10 juli 2008. De veroordeelde was onder meer verplicht zich te gedragen naar aanwijzingen van Reclassering Nederland, waaronder het volgen van een behandeling bij De Waag indien noodzakelijk.
De rechtbank heeft het dossier bestudeerd, waaronder het vonnis, kennisgevingen, vordering tot tenuitvoerlegging, adviesrapport en voortgangsverslag van Reclassering Nederland. De raadsman van de veroordeelde voerde aan dat de noodzaak van een behandeling bij De Waag niet was aangetoond en verzocht subsidiair om aanhouding van de zaak voor nader rapport.
De rechtbank concludeerde dat uit de stukken niet blijkt dat Reclassering Nederland het noodzakelijk acht dat de veroordeelde een behandeling bij De Waag volgt. Omdat de bijzondere voorwaarde alleen geldt indien Reclassering dit noodzakelijk acht, is niet vastgesteld dat de veroordeelde deze heeft overtreden.
De officier van justitie verzocht ter zitting aanhouding om alsnog behandeling mogelijk te maken, maar de rechtbank zag hiervoor geen aanleiding. Gelet op artikel 14g Wetboek van Strafrecht wees de rechtbank de vordering tot tenuitvoerlegging af.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke gevangenisstraf af wegens het ontbreken van noodzaak voor behandeling.