ECLI:NL:RBUTR:2010:BO1460
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- I.M. Vanwersch
- Rechtspraak.nl
Voorwaardelijke ontbinding arbeidsovereenkomst na ontslag werknemer wegens demotie en contractwijziging
De werknemer trad op 1 oktober 2009 in dienst als Senior Research Associate met een salaris van €3.462,97 bruto exclusief vakantietoeslag en bonus. Na twee maanden kreeg zij te horen dat haar functie werd aangepast en haar contract van onbepaalde tijd zou worden omgezet in een tijdelijk contract van zes maanden. Hiertegen maakte de werknemer bezwaar en nam zij op 14 december 2009 ontslag.
De werkgever stelde dat de arbeidsovereenkomst per die datum was geëindigd door de opzegging van de werknemer. De werknemer stelde echter dat sprake was van een nietige proeftijd en betwistte het ontslag op staande voet. Zij vorderde loonbetaling en toelating tot het werk vanaf juni 2010.
De kantonrechter oordeelde dat er geen sprake was van ontslag door de werkgever, maar dat de werknemer zelf ontslag had genomen. Gezien de omstandigheden, waaronder het onzorgvuldig handelen van de werkgever door onverwachte demotie en contractwijziging, werd het verzoek tot voorwaardelijke ontbinding toegewezen. De werknemer kreeg een billijke vergoeding van €7.480 bruto toegekend, gebaseerd op een fictieve diensttijd van één jaar en een correctiefactor van 2.
De kantonrechter stelde de werkgever in de gelegenheid het verzoek in te trekken, maar bij uitblijven daarvan werd de arbeidsovereenkomst ontbonden met ingang van 15 oktober 2010. Partijen dragen hun eigen proceskosten, behalve indien het verzoek wordt ingetrokken, dan wordt de werkgever veroordeeld tot betaling van €400 aan salaris gemachtigde van de werknemer.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt voorwaardelijk ontbonden met een billijke vergoeding van €7.480 bruto aan de werknemer.