ECLI:NL:RBUTR:2010:BN8143

Rechtbank Utrecht

Datum uitspraak
29 september 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
289692 / HA ZA 10-1540
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • S.C. Hagedoorn
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 93 Rv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevoegdheid rechtbank bij geschil over algemene voorwaarden met forumkeuze Eindhoven

Continu B.V. vordert betaling van een geldsom van EUR 8.117,50 van [A] Mijdrecht B.V. Volgens de algemene voorwaarden van Continu dienen geschillen te worden voorgelegd aan de bevoegde rechter in Eindhoven. Continu stelt dat omdat Eindhoven alleen een kantongerecht heeft en de vordering hoger is dan EUR 5.000, de rechtbank Utrecht bevoegd is.

De rechtbank oordeelt dat de bevoegde rechter in Eindhoven de sector civiel is van de rechtbank ’s-Hertogenbosch, aangezien Eindhoven onder dit arrondissement valt. Hierdoor is de rechtbank Utrecht niet bevoegd om kennis te nemen van het geschil.

De incidentele vordering tot onbevoegdverklaring wordt toegewezen en de zaak wordt verwezen naar de rechtbank ’s-Hertogenbosch, sector civiel. Continu wordt veroordeeld in de kosten van het incident.

Uitkomst: De rechtbank Utrecht verklaart zich onbevoegd en verwijst de zaak naar de rechtbank ’s-Hertogenbosch, sector civiel.

Uitspraak

vonnis
RECHTBANK UTRECHT
Sector handels- en familierecht
zaaknummer / rolnummer: 289692 / HA ZA 10-1540
Vonnis in incident van 29 september 2010
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
CONTINU B.V.,
gevestigd en kantoorhoudende te Eindhoven,
eiseres in de hoofdzaak,
verweerster in het incident,
advocaat: mr. P.J.L. Tacx te Roermond,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[A] MIJDRECHT B.V.,
gevestigd en kantoorhoudende te Mijdrecht, gemeente De Ronde Venen,
gedaagde in de hoofdzaak,
eiseres in het incident,
advocaat: mr. H.C. Sauer te Amersfoort.
Partijen zullen hierna Continu en [A] genoemd worden.
1. De procedure
1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding;
- de conclusie van antwoord tevens houdende de incidentele vordering tot onbevoegdverklaring;
- de incidentele conclusie van antwoord.
1.2. Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.
2. De feiten
Artikel 14 lid 2 van Pro de algemene voorwaarden van Continu luidt als volgt:
“Eventuele geschillen waarvoor een minnelijke oplossing niet mogelijk blijkt, worden voorgelegd aan de bevoegde rechter te Eindhoven.”
3. De beoordeling in het incident
3.1. In de hoofdzaak vordert Continu primair [A] te veroordelen tot betaling van een geldsom ter hoogte van EUR 8.117,50, te vermeerderen met rente en kosten.
[A] vordert in het incident dat de rechtbank zich onbevoegd verklaart. Zij stelt zich op het standpunt dat de rechtbank Utrecht, sector civiel, onbevoegd is nu in artikel 14 van Pro de algemene voorwaarden van Continu bepaald is dat geschillen worden voorgelegd aan de bevoegde rechter in Eindhoven.
3.2. Continu verweert zich in het incident en voert aan dat er in Eindhoven alleen een kantongerecht is gevestigd en dat de kantonrechter in Eindhoven niet bevoegd is kennis te nemen van het geschil in de hoofdzaak nu haar vordering groter is dan het in artikel 93 Rv Pro genoemde bedrag van EUR 5.000,00. Volgens Continu is er geen bevoegde rechter in Eindhoven en is de rechtbank Utrecht zodoende bevoegd kennis te nemen van het geschil in de hoofdzaak.
3.3. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.
3.4. De rechtbank is van oordeel dat de incidentele vordering moet worden toegewezen en overweegt daartoe het volgende.
3.5. Partijen zijn overeengekomen dat het geschil in de hoofdzaak ter beoordeling aan de bevoegde rechter te Eindhoven zal worden voorgelegd. Ingevolge het bepaalde in artikel 93 Rv Pro behoort de vordering van Continu tot de competentie van de rechtbank, sector civiel.
De bevoegde rechter in Eindhoven is de rechter van de sector civiel, in wiens rechtsgebied Eindhoven valt. Nu Eindhoven ressorteert onder het arrondissement ’s-Hertogenbosch valt de beoordeling van het geschil in de hoofdzaak onder de bevoegdheid van de rechtbank ’s-Hertogenbosch, sector civiel.
3.6. Het beroep op onbevoegdheid van de rechtbank Utrecht, sector civiel, is daarom gegrond. De vordering tot onbevoegdverklaring zal dan ook worden toegewezen, met veroordeling van Continu in de kosten van het incident.
4. De beslissing
De rechtbank
in het incident
4.1. verklaart zich onbevoegd van de vordering in de hoofdzaak kennis te nemen,
4.2. veroordeelt Continu in de kosten van het incident, aan de zijde van [A] tot op heden begroot op EUR 384,00,
in de hoofdzaak
4.3. verwijst de zaak in de stand waarin zij zich bevindt, naar de rechtbank ‘s-Hertogenbosch, sector civiel.
Dit vonnis is gewezen door mr. S.C. Hagedoorn en in het openbaar uitgesproken op 29 september 2010.?