ECLI:NL:RBUTR:2010:BN6424
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag chauffeur transportbedrijf
Een werknemer, werkzaam als chauffeur bij een transportbedrijf, vordert schadevergoeding omdat hij meent dat zijn ontslag kennelijk onredelijk was. Het bedrijf had financiële problemen en beëindigde de bedrijfsactiviteiten, waarna het dienstverband werd opgezegd. De werknemer ontving geen ontslagvergoeding en weigerde een aanbod om bij een ander bedrijf in dienst te treden vanwege verlies van anciënniteit en reistijd.
De rechtbank stelt vast dat het bedrijf al jaren marginaal draaide, met verliezen in 2006-2008 en het verlies van de belangrijkste opdrachtgever in 2008. De bedrijfsactiviteiten zijn per 1 september 2008 gestaakt. Het CWI verleende toestemming voor het ontslag op bedrijfseconomische gronden.
De kantonrechter oordeelt dat het ontslag niet kennelijk onredelijk is, mede omdat de werknemer aansluitend ander werk vond en onvoldoende gebruik maakte van geboden mogelijkheden. Het ontbreken van een financiële voorziening is niet voldoende om het ontslag onredelijk te achten. De vordering wordt afgewezen en de werknemer wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag wordt afgewezen.