ECLI:NL:RBUTR:2010:BN2077
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.J. Grapperhaus
- M.J. Veldhuijzen
- I. Bruna
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor bezit van cocaïne verborgen in suikerklontjes
Op 19 juli 2010 heeft de rechtbank Utrecht verdachte veroordeeld voor het opzettelijk bezit van cocaïne, verborgen in een pak suiker. De zaak werd behandeld na een terechtzitting op 5 juli 2010, waarbij zowel de officier van justitie als de verdediging hun standpunten presenteerden.
De verdediging stelde dat sprake was van een vormverzuim omdat het grootste deel van het in beslag genomen pak suiker, waarin de cocaïne was verborgen, was vernietigd. Hierdoor kon niet meer worden vastgesteld hoeveel cocaïne aanwezig was. De rechtbank oordeelde echter dat dit geen reden was voor bewijsuitsluiting, maar hield wel rekening met deze onzekerheid bij de strafoplegging.
Uit het rapport van het Nederlands Forensisch Instituut en het politieproces-verbaal bleek dat ongeveer 20% van het pak suiker uit cocaïne bestond, wat neerkomt op circa 200 gram. Verdachte had verklaard slechts 2 à 3 gram cocaïne te bezitten, maar dit werd niet aannemelijk geacht gezien zijn verwachting om € 26.000 te verdienen met de verkoop.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot een gevangenisstraf van 6 maanden, lager dan de eis van 10 maanden, mede vanwege de onzekerheid over de hoeveelheid cocaïne. Verdachte werd vrijgesproken van andere tenlastegelegde feiten. Daarnaast werd de teruggave gelast van een Blackberry, een Samsung telefoon en € 400 aan geld, omdat deze niet vatbaar waren voor verbeurdverklaring.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 6 maanden gevangenisstraf voor bezit van cocaïne verborgen in suikerklontjes.