ECLI:NL:RBUTR:2010:BM7335
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- P.M.J.H. Muijlaert
- Rechtspraak.nl
Vaststelling WOZ-waarde met correctie voor waardeverminderende kwaaitaalvloer
Eiser betwistte de door verweerder vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning, gelegen aan een adres te een woonplaats, voor het belastingjaar 2009. De heffingsambtenaar had de waarde vastgesteld op €466.000 per 1 januari 2008, maar hield geen rekening met de waardeverminderende factor van een kwaaitaalvloer omdat geen recent schaderapport was overgelegd.
De rechtbank oordeelde dat verweerder niet had voldaan aan zijn bewijslast om aannemelijk te maken dat de waarde niet hoger was dan de economische waarde, omdat onvoldoende rekening was gehouden met de kwaaitaalvloer. Eiser had geen concrete waardebepaling gegeven, maar stelde herstelkosten tussen €50.000 en €70.000, zonder onderbouwing.
De rechtbank stelde zelf de waarde vast op €444.000, rekening houdend met een waardeverminderend effect van €20.000 voor de kwaaitaalvloer, gebaseerd op herstelkosten van circa €30.000. Tevens werd het door eiser betaalde griffierecht van €41 aan hem vergoed. De uitspraak op bezwaar van 11 november 2009 werd vernietigd en de aanslag onroerendezaakbelasting dienovereenkomstig verlaagd.
Uitkomst: De WOZ-waarde wordt verlaagd naar €444.000 met vergoeding van het griffierecht aan eiser.