ECLI:NL:RBUTR:2010:BM6755
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen kinderrechter in gezagsontheffingsprocedure
Verzoekster heeft bij de rechtbank Utrecht een wrakingsverzoek ingediend tegen kinderrechter mr. X, die betrokken was bij eerdere beslissingen in een procedure over ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing van haar minderjarige kind. Zij stelde dat mr. X vooringenomen en partijdig zou zijn, mede vanwege vermeende onregelmatigheden in eerdere beslissingen en de vermeende voorrang die aan andere verzoeken werd gegeven.
De rechtbank oordeelde dat verzoekster niet-ontvankelijk was voor het wrakingsverzoek dat gebaseerd was op feiten die langer dan een jaar geleden bekend waren geworden. Voor het overige oordeelde de rechtbank dat er geen zwaarwegende aanwijzingen waren voor partijdigheid of vooringenomenheid van mr. X. Ook werd geoordeeld dat mr. X niet verantwoordelijk was voor de volgorde van behandeling van verzoeken of de rapportage van de Raad voor de Kinderbescherming.
De rechtbank stelde vast dat verzoekster het wrakingsmiddel zonder deugdelijke grondslag herhaaldelijk gebruikte, wat leidde tot vertraging van de procedure. Daarom werd bepaald dat een volgend wrakingsverzoek van verzoekster in deze en samenhangende zaken niet in behandeling wordt genomen. De rechtbank besloot het wrakingsverzoek af te wijzen en de procedure voort te zetten zoals die was opgeschort.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen kinderrechter mr. X wordt afgewezen en verzoekster wordt niet-ontvankelijk verklaard voor eerdere wrakingsgronden; toekomstige wrakingsverzoeken worden niet in behandeling genomen.