ECLI:NL:RBUTR:2010:BM1087
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen bewijs van koopovereenkomst Maserati en afwijzing schadevergoeding en BPM-vordering
In deze zaak stond centraal of tussen eiseres, een professioneel autoverkoopbedrijf, en gedaagde een koopovereenkomst tot stand was gekomen voor een Maserati. Eiseres stelde dat gedaagde de auto in december 2007 had gekocht en dat zij schadevergoeding mocht vorderen wegens ontbinding van die overeenkomst en beschadigingen aan de auto. De rechtbank oordeelde dat eiseres niet had bewezen dat gedaagde de Maserati had gekocht, mede omdat de schriftelijke koopovereenkomst op naam van een derde partij ([bedrijf]) stond en de factuur ook aan die derde was gericht.
Daarnaast werd beoordeeld of gedaagde aanspraak kon maken op vergoeding van schade en of eiseres tekort was geschoten in haar zorgplicht met betrekking tot een naheffingsaanslag BPM. De rechtbank stelde vast dat het gebruik van het handelaarskenteken door gedaagde in het kader van de bedrijfsactiviteiten van eiseres viel en dat eiseres geen zorgplicht had geschonden door gedaagde niet te waarschuwen voor een mogelijke naheffingsaanslag. De vorderingen van gedaagde werden afgewezen.
De rechtbank veroordeelde eiseres en gedaagde in de proceskosten en verklaarde het vonnis uitvoerbaar bij voorraad. Het vonnis werd gewezen door mr. J.K.J. van den Boom op 14 april 2010.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van eiseres en gedaagde af wegens onvoldoende bewijs en geen tekortkoming in zorgplicht.