ECLI:NL:RBUTR:2010:BL5443
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.A.A.T. Engbers
- J.R. Krol
- A. van Maanen
- Rechtspraak.nl
Veroordeling poging zware mishandeling en mishandeling met oplegging TBS en gevangenisstraf
De rechtbank Utrecht heeft op 28 januari 2010 uitspraak gedaan in de strafzaak tegen verdachte, die werd beschuldigd van poging tot zware mishandeling en mishandeling gepleegd op 23 juli 2009 in Utrecht. De rechtbank achtte het primair ten laste gelegde feit van poging zware mishandeling en subsidiair mishandeling wettig en overtuigend bewezen op basis van aangiften en getuigenverklaringen.
Verdachte werd vrijgesproken van een ander ten laste gelegd feit wegens onvoldoende bewijs. De rechtbank nam de verklaringen van slachtoffers en getuigen, evenals de verklaring van verdachte zelf, mee in de bewijswaardering. De rechtbank oordeelde dat verdachte met opzet en kracht had toegeslagen en buitensporig geweld had gebruikt.
Bij de strafoplegging hield de rechtbank rekening met de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn gepleegd en de persoon van verdachte, waaronder een psychologisch en psychiatrisch rapport. Gezien de gebrekkige geestvermogens en de aard van de feiten werd TBS met dwangverpleging noodzakelijk geacht. Daarnaast werd een gevangenisstraf van 8 maanden opgelegd, met aftrek van de tijd in voorlopige hechtenis. Tevens werd een voorwaardelijke straf uit een eerdere zaak ten uitvoer gelegd.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 8 maanden gevangenisstraf en TBS met dwangverpleging wegens poging zware mishandeling en mishandeling.