ECLI:NL:RBUTR:2010:BL4345
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Schending zorgplicht bank bij kredietovereenkomst afgewezen door rechtbank
Op 28 december 2007 is tussen ABN AMRO Bank en de kredietnemer een flexibel kredietovereenkomst gesloten met een kredietlimiet van EUR 22.500. De kredietnemer is vervolgens in gebreke gebleven met betalingen, ondanks ingebrekestelling door de bank.
De kredietnemer stelde dat de bank haar bijzondere zorgplicht had geschonden door hem krediet te verstrekken terwijl hij bekend was met zijn verstandelijke beperking, minimale inkomen en registratie bij het Bureau Krediet Registratie. Tevens voerde hij wilsgebreken aan zoals misbruik van omstandigheden en dwaling.
De rechtbank overwoog dat de bank aan haar zorgplicht had voldaan door de kredietwaardigheid te controleren, de BKR-toets uit te voeren en een cliëntprofiel op te stellen. De zorgplicht reikt niet zo ver dat de bank moet onderzoeken of de kredietnemer zich bewust is van zijn verplichtingen bij een eenvoudig kredietproduct.
De verweren van de kredietnemer werden verworpen en het verstekvonnis van 11 maart 2009 werd bekrachtigd. De kredietnemer werd veroordeeld tot betaling van de schuld en de proceskosten van EUR 579,00.
Het vonnis werd uitgesproken door rechter A.M. Verhoef op 17 februari 2010.
Uitkomst: Het verzet van de kredietnemer wordt afgewezen en het verstekvonnis wordt bekrachtigd.